• Jan Deschoolmeester

Ecopragmatici sluiten geen enkele oplossing uit

Het huidige politieke beleid keurt kernenergie af. Onterecht vindt Jan Deschoolmeester, één van de oprichters van de website Ecomodernisme.be. Hij studeerde af als bio-ingenieur met een master in Chemie en Bioprocestechnologie. Naast zijn job heeft hij in het ecomodernisme een uit de hand gelopen hobby gevonden. Hij was lange tijd tegen kernenergie, nu pleit hij voor. Met Ecomodernisme.be reikt hij het ecomodernisme als alternatief voor de huidige politieke koers aan.


Met speciale dank aan Dagmar Volkaert, studente journalistiek, die dit interview afnam.




Samen met Thomas Rotthier en nog enkele anderen richtte u de website Ecomodernisme.be op. Welk doel hadden jullie voor ogen?

Ons doel is de Vlaamse bevolking te laten kennismaken met het ecomodernisme en zo een beweging te creëren. We willen de mensen een verfrissend alternatief bieden voor de huidige groene beweging. Zelf in de politiek stappen is echter niet de bedoeling, maar we willen wel de huidige politiek beïnvloeden. Samengevat willen we het ecomodernistisch gedachtegoed tot bij de bevolking en de huidige politieke partijen brengen.


Wat houdt het ecomodernisme in?

Het ecomodernisme moet je zien als een beweging die beseft dat de wereldbevolking groeit, maar iedereen desondanks toch een goed leven wil geven: voldoende voedsel, voldoende energie, welvaart enzovoort. Maar dat alles mag geen achteruitgang betekenen voor klimaat en natuur. We willen de twee combineren door welvaart los te koppelen van milieu-impact. Bijvoorbeeld meer energie met minder CO2, zodat meer globaal energieverbruik geen probleem hoeft te vormen. Of meer voedselproductie met minder land, zodat ontbossing kan teruggedrongen worden. Bij de lancering van het ecomodernistisch manifest in 2015 werd voor de ecomodernistische stroming ook de minder bekende term ecopragmatisme gebruikt. Die term wijst op een visie waarbij alle opties op tafel liggen en er pragmatisch over deze opties wordt nagedacht. Ecopragmatici sluiten geen enkele oplossing of technologie uit die ons naar een duurzamere toekomst kan brengen. De huidige groene visie doet dat wel en sluit bijvoorbeeld kernenergie en gentechnologie uit. Uiteindelijk werd de term ecomodernisme het meest courante. Ecomodernisme wijst op de moderniteit die je de wereldbevolking wilt geven op een ecologisch verantwoorde manier.


Als u het heeft over de huidige politiek beïnvloeden, bedoelt u dan ook Groen?

We hebben natuurlijk wel raakpunten met de groene partij. We willen allebei een beter klimaat, maar alleen vullen we dat anders is. Wij ecomodernisten willen meer met minder, terwijl ecologisten juist streven naar minder met minder. Dus op dat gebied staan onze visies haaks op elkaar. Ik denk niet meteen dat het huidige Groen zou meestappen in onze gedachtegang. Als daar iets wijzigt, zal het van hun jongerenpartij moeten komen. Vooral andere partijen zouden zich wel in onze visie kunnen vinden. De andere partijen hebben een mager klimaatverhaal en willen dat wat meer aankleden. Daar zie ik potentieel voor het ecomodernisme.


“Ecopragmatici sluiten geen enkele oplossing of technologie uit die ons naar een duurzamere toekomst kan brengen.”

In een van uw artikelen verwijst u naar ideologisch “juiste” technologieën. Kernenergie zou daar niet onder vallen. Wat bedoelt u daar juist mee?

De groene beweging is sterk beïnvloed door de “small is beautiful”-gedachte. Die gedachte wordt beschreven in het gelijknamig boek van Ernst Friedrich Schumacher. Schumacher beschrijft de kleinschalige visie, die gelooft dat technologie op kleine schaal, gedecentraliseerd en hernieuwbaar moet zijn. In die visie moet technologie op maat van de mens zijn. Het is een romantisch ideaal waarbij de mens autonoom en in harmonie met de natuur kan leven. Je zou die “juiste” technologieën bij wijze van spreken in je achtertuin kunnen zetten, zoals bijvoorbeeld zonnepanelen, terwijl dat bij grote technologie niet mogelijk is. Maar klimaatopwarming is een te groot probleem om met enkel kleinschalige technologie opgelost te worden. En uiteindelijk is het groene discours tegenstrijdig, want als je veel kleinschalige, decentrale windturbines nodig hebt om klimaatverandering tegen te gaan, dan kom je uiteindelijk ook uit bij grootschalige, gecentraliseerde windparken.


In datzelfde artikel vergeleek u het onderzoek naar kernenergie met de ontwikkeling van het coronavaccin. Denkt u dat kernenergie ooit in die mate onderzocht zal worden?

Ik haalde de vaccintechnologie aan als een prachtig voorbeeld van missiegerichte innovatie. Daarbij richt je je op een doel en werk je daar naartoe. In het geval van de coronapandemie was dat een vaccin ontwikkelen. Maar om klimaatverandering op te lossen heb je een breed scala aan nieuwe technologieën nodig. Zonder deze technologieën dreigen we in een doodlopend straatje terecht te komen. Daarom pleiten ecomodernisten ervoor dat de overheid een groter budget spendeert aan klimaatinnovatie. Het uiteindelijke doel is om klimaatvriendelijke technologieën zo goedkoop mogelijk te maken. Zo kunnen we die technologieën op grote schaal gebruiken en kunnen ook ontwikkelingslanden hier de vruchten van plukken. Ook in Bill Gates zijn nieuwe klimaatboek hoor je dat mantra. Maar niet alleen de ontwikkeling van nieuwe technologieën is belangrijk. Ook moet er vandaag veel CO2-arme infrastructuur bijgebouwd worden. Inzetten op zowel wat er vandaag moet gebeuren als op innovatie, dat is pas écht een ambitieus klimaatbeleid.


“De EU zou het uitfaseren van fossiele brandstoffen voorrang moeten geven, terwijl ze een technologieneutraal beleid nastreeft.”

Tinne Van der Straeten minister van Energie (Groen) hervormde het groene transitiefonds. Wat houdt dit juist voor kernenergie in?

Tinne Van der Straeten wil meer investeren in zonne- en windenergie, maar framet het als een keuze tussen kernenergie en hernieuwbare energie. Het budget zou vergroot moeten worden, zodat we op zoveel mogelijk technologieën tegelijkertijd kunnen inzetten. Maar nog belangrijker is wat er op Europees niveau staat te gebeuren. Daar dreigt de EU de financiering voor kernenergie compleet droog te leggen. De EU stelt namelijk een groene taxonomie op die definieert wat ecologische en duurzame technologieën zijn en wat niet. Alles wat daar onder valt, komt in de EU Green Deal terecht. Als kernenergie daar buiten zou vallen, dan zouden Europese lidstaten fondsen kunnen mislopen indien ze kernenergie willen inzetten als middel tegen klimaatverandering. Hetzelfde geldt voor nucleaire onderzoeksfondsen. Een expertengroep zal zich buigen over de kwestie of kernenergie een groen label verdient of niet. Op basis van dit rapport zal de Europese Commissie zich uitspreken of kernenergie onder deze groene taxonomie en dus de EU Green Deal valt. Dat is de wereld op zijn kop, als je weet dat recent nog uitlekte dat er bij de EU voorstellen op tafel liggen om fossiel gas onder bepaalde voorwaarden wel nog tot deze groene taxonomie te rekenen. De EU zou het uitfaseren van fossiele brandstoffen voorrang moeten geven, terwijl ze een technologieneutraal beleid nastreeft. Klimaatvriendelijke technologieën uitsluiten op basis van ideologie is daarbij een verkeerde strategie. Kernenergie kan overigens een mooie aanvulling zijn voor hernieuwbare energie, in plaats van CO2-spuwende gascentrales te bouwen.


Disclaimer: Dit interview vond plaats nog voor de bevindingen van het Joint Research Centre, die de Europese Commissie moest adviseren over de rol van kernenergie in de groene taxonomie, bekend werden. De expertengroep concludeerde in haar rapport dat kernenergie een groen label verdient. Toch kan de Europese Commissie finaal nog steeds een andere beslissing maken.


Sluiten alle landen zich aan bij de visie op kernenergie van de EU?

In Europa zijn de meningen verdeeld. Sommige landen zijn voor kernenergie, andere tegen. Zo zou Polen steenkool willen inruilen voor hernieuwbare energie in combinatie met kernenergie. Daarbij zouden ze vooral windenergie halen uit de Baltische zee en een nieuwe kernreactor willen bouwen tegen 2033. Daartegenover staat het Duitse model voor een energietransitie, de zogenaamde ‘Energiewende’. Terwijl Duitsland haar aandeel hernieuwbare energie wil vergroten, sluit ze kerncentrales uit. Daardoor moet ze in de praktijk gascentrales aanzetten wanneer het niet waait of de zon niet schijnt. Ook Tinne Van der Straeten volgt dit Duitse model, maar dan lijkt mij wat Polen wil doen een slimmere strategie om CO2 en luchtvervuiling terug te dringen.


Denkt u dat we met deze strategie ooit onder de door de EU opgelegde grens van twee graden zullen blijven?

Ik sta daar pessimistisch tegenover. Volgens mij zullen we uiteindelijk tussen de twee à drie graden opwarming stranden. We limiteren uiteraard beter het aantal graden, maar die anderhalf à twee graden is echter moeilijk te halen in de praktijk. De wereld vergaat niet boven een magische grens van twee graden, alleen worden de gevolgen veel erger. We moeten onze focus verleggen naar wat klimaatverandering écht kan stoppen, namelijk de CO2-uitstoot zo snel mogelijk naar nul brengen. Dat is een veel praktischer doel, waarbij sneller netto nuluitstoot bereiken de schade beperken is. Klimaatbeleid zal in de praktijk vooral damage control blijken te zijn. Daar zal niet alleen de CO2-uitstoot terugdringen, maar ook adaptatie een niet te onderschatten strategie zijn.


Hoe staat de rest van de wereld tegenover kernenergie?

De VS wil juist veel geld investeren in verschillende energiebronnen, waaronder geavanceerde kernenergie. In de VS zal het Department of Energy 600 miljoen dollar investeren in private bedrijven om geavanceerde kernreactoren in de demonstratiefase te brengen. De VS wedt zo op verschillende paarden als het gaat over CO2-arme energievoorziening en zijn volgens mij dus veel ambitieuzer dan wij Europeanen. Ook Aziatische landen zullen meer op kernenergie inzetten. China focust bijvoorbeeld niet enkel op hernieuwbare energie, maar ook op een aanzienlijk deel kernenergie om netto nuluitstoot tegen 2060 te bereiken. Ook hun One Belt One Road Initiative zou kernreactoren kunnen bouwen in Afrikaanse landen, waardoor zij uit energiearmoede kunnen ontsnappen. En Rusland zal met hun staatsbedrijf Rosatom de meeste nucleaire expertise in huis hebben. Zij willen kerncentrales overal ter wereld bouwen, terwijl ook Rusland haar aandeel kernenergie uitbreidt. Zo kunnen de Russen het gas dat ze nu zelf gebruiken verkopen aan andere landen die gascentrales nodig achten in hun energietransitie. Uiteindelijk zouden wij Europeanen nog eens voorbijgestoken kunnen worden door de rest van de wereld indien we geen technologieneutraal beleid nastreven.


Dreigt België zo zijn leiderspositie op het gebied van kernenergie te verliezen?

Door het nucleair onvriendelijke klimaatbeleid dreigen we de koppositie inderdaad te verliezen. Buiten Europa merk je dat kernenergie terug serieus overwogen wordt als deel van de klimaatoplossing zoals in de VS of China. Uiteraard is wat SCK CEN in Mol doet ook belangrijk. Maar enkel als België niet alle kernreactoren sluit, of er nieuwe bouwt, dan zal de belangrijke kennis om kerncentrales energie te laten leveren behouden blijven. Dat continuüm is belangrijk. Het zou dan ook jammer zijn als deze expertise verloren gaat.


Nucleair onderzoek heeft politiek gezien minder weerstand dan kernenergie. Wat vindt u daarvan?

De wet op de kernuitstap (2003) heeft eigenlijk een politiek ideologisch klimaat gecreëerd waarin kernenergie niet welkom is, maar medisch nucleaire toepassingen zal Groen nooit in vraag durven stellen. Als je dat aanvalt, dan ben je over gezondheidszorg bezig. Dankzij de coronacrisis beseft iedereen hoe belangrijk gezondheidszorg wel niet is. Vanaf het over energie gaat wordt het nucleaire wel uitgesloten. Dat is een hypocriete houding. Dezelfde houding keert ook terug bij vaccintechnologie. Als gentech wordt ingezet om mRNA-vaccins te ontwerpen, dan is het voor de groenen een prachtige technologie. Als het niet over volksgezondheid maar over gewassen gaat, dan is gentechnologie plots te onprecies om veilig te zijn voor hen.


“Groen en Greenpeace hebben het voordeel dat ze met beelden kunnen spelen die sterk op de emoties inspelen.”

Denkt u dat Groen met haar ideologie het publieke debat stuurt?

Groen en Greenpeace hebben zeker een impact op hoe we naar kernenergie kijken maar ook de kernongevallen in Fukushima en Tsjernobyl. Volgens mij hebben zij eraan bijgedragen dat dit meer een ideologische discussie dan een technische discussie is geworden. Zij hebben het voordeel dat ze met beelden kunnen spelen die sterk op de emoties inspelen, zoals kernafval dat rondslingert of stokoude scheurtjesreactoren die het elk moment kunnen begeven. De realiteit zit echter anders in elkaar. Geologen hebben er een consensus over dat kernafval veilig onder de grond kan geborgen worden in een geologische berging. Ook leeft dat misschien niet in de hoofden van mensen, maar kernenergie is per pakketje energie één van de veiligste technologieën. Voor datzelfde pakketje energie heeft fossiele energie vele malen meer doden. Mensen kunnen namelijk sterven dankzij luchtvervuiling, en later ook door de gevolgen van klimaatverandering. Zo vind ik het kwalijk dat minister Van der Straeten recent nog suggereerde dat de kernramp in Fukushima en niet de tsunami 20000 doden eiste, terwijl Fukushima maar 1 dode geëist heeft door blootstelling aan straling. Dit is het equivalent van een discussie te houden over of we ooit nog wel mogen vliegen, omdat er jaarlijks wel enkele vliegtuigen neerstorten, terwijl veel meer mensen sterven in auto-ongelukken. We moeten opletten voor de situaties waarin percepties niet samenvallen met de genuanceerde waarheid.


Wat is de publieke opinie over kernenergie?

Er is een momentum voor kernenergie. Steeds meer mensen beginnen de voordelen van kernenergie in te zien. Als Ecomodernisme.be voelen wij ons steeds meer gehoord. Veel mensen komen ons vertellen dat zij groen zouden willen stemmen, maar zich niet kunnen herkennen in het Groen van vandaag. Velen kunnen het niet meer vatten dat we willen inzetten op een klimaatvriendelijke maatschappij maar tegelijkertijd kernenergie willen uitsluiten en vervangen door gascentrales.


Denkt u dat deel van de angst voor kernenergie uit onwetendheid voortvloeit?

Zaken die moeilijker te begrijpen zijn, wekken vaak angst op. Kernenergie is daar een voorbeeld van, maar ook vaccins en gentechnologie. Goede, transparante informatie haalt die onzekerheid weg. Belangrijk is dat de communicatie op een objectieve manier verloopt. Zo moeten basisbegrippen op een neutrale manier uitgelegd worden, waarbij zowel de pro’s als de contra’s besproken worden. Zo kunnen de mensen op basis van kennis zelf een mening vormen. Zelf ben ik na Fukushima lange tijd tegenstander geweest van kernenergie. Maar ooit bezocht ik als jonge kerel met de school het NIRAS, die instaat voor het afvalbeheer van het Belgische kernafval. Dat maakte een grote indruk op mij dat je letterlijk kon kijken naar het radioactief kernafval van achter dikke betonnen muur met een ruitje erin. Dat strookte niet met mijn perceptie, maar toch was dat perfect veilig.


Het politieke beleid keert zich tegen kernenergie, wie zou hier verandering in kunnen brengen, het volk of eerder academici?

Volgens mij zouden veel meer wetenschappers en academici zich in dit debat moeten mengen. Velen willen neutraal blijven, maar juist nu is het belangrijk om luidop te spreken. Zeker als mensen zodanig veel informatie en desinformatie naar zich toegeworpen krijgen, zodat ze ook niet meer weten wat wel waar is over kernenergie en wat niet. En ook gewoon omdat we het niet kunnen riskeren om kernenergie uit te sluiten als we weten wat klimaatverandering met zich meebrengt.


Maar onder andere Ecomodernisme.be wil verandering teweeg brengen?

Inderdaad, enkele maanden terug ondertekenden wij samen met enkele academici een open brief die in De Standaard verscheen. Die brief was een pleidooi om de twee jongste kernreactoren zo lang mogelijk open te houden en artikel 3 van de wet op de kernuitstap te schrappen. Artikel 3 verbiedt het bijbouwen van extra kernreactoren voor industriële elektriciteitsproductie op Belgisch grondgebied. Dat schrappen van artikel 3 is vooral nodig om een maatschappelijke discussie te kunnen hebben wanneer de maatschappij dat nodig acht. Zo zouden we bij de komst van nieuwere types kernreactoren op zijn minst de optie moeten hebben om over de toepassing van nieuwe kernreactoren te discussiëren. De geavanceerde reactoren zijn veiliger, kleiner en vooral flexibeler. Meer flexibiliteit is vooral belangrijk in een toekomst met meer hernieuwbare energie. Zo wordt het nog gemakkelijker om voor kernenergie en niet voor gascentrales te kiezen als back-up voor situaties waarin de wind niet waait of de zon niet schijnt. De wet op de kernuitstap is een oude en ideologisch geïnspireerde wet, die pragmatisme overboord gooit juist nu het zo nodig is in de strijd tegen klimaatverandering. Als alle zeven de kernreactoren effectief sluiten, dan zullen we met Ecomodernisme.be er alles aan doen om dat artikel 3 te schrappen. Dat kunnen we u alvast garanderen.